Bloedverlies na de menopauze

(Abnormaal) Postmenopauzaal bloedverlies

We spreken van de postmenopauze wanneer een vrouw langer dan een jaar geen menstruatie meer heeft gehad. Gemiddeld begint deze periode rond het 52ste levensjaar. Sommige vrouwen slikken in deze fase hormonen om de nadelige effecten van de menopauze en postmenopauze, bijvoorbeeld botontkalking, te remmen. Zij houden, net als in hun vruchtbare fase, maandelijkse onttrekkingsbloedingen.
De term ''abnormaal'' postmenopauzaal bloedverlies wordt gebruikt wanneer hormoonslikkende vrouwen onregelmatig gaan vloeien of vrouwen die geen hormonen slikken plotseling weer bloed gaan verliezen.
Wanneer zo'n bloeding eenmalig is, zal het onderzoek zich voornamelijk richten op het uitsluiten van kwaadaardige aandoeningen. Als hiervan geen sprake is, wordt afgewacht of het bloeden nog een keer voorkomt. Volgt binnen drie maanden nog een tweede bloeding, dan is het belangrijk de precieze oorzaak vast te stellen. Als een tweede bloeding pas na langer dan drie maanden volgt, geldt die als nieuwe ''eerste'' bloeding.

Oorzaken

Soms wordt, ook na nader ondezoek, geen oorzaak gevonden. Toch is het verstandig om een arts te raadplegen, omdat tijdige ontdekking van een kwaadaardige oorzaak belangrijk is. Mogelijke oorzaken zijn:

  • Cellen in de baarmoederhals of baarmoeder, die kunnen leiden tot het ontstaan van kanker
  • Kwaadaardige aandoeningen (kanker) in de baarmoederhals of baarmoeder
  • Vleesbomen
  • Poliepen in de baarmoeder
  • Ontstekingen in het kleine bekken. Dit is de ruimte onderin het bekken, tussen de heupgewrichten, het schaambeen en het stuitje.
  • Verschrompelen van vagina of baarmoeder
  • Een hormoonproducerende tumor

Onderzoeken

  • Eerst zal de (huis)arts in een gesprek informatie verzamelen over het begin, de duur en het verloop van het bloedverlies. Is er bloedverlies na de geslachtsgemeenschap? Gebruikt de patient medicijnen of hormonen?
  • De (huis)arts voert een inwendig onderzoek uit en maakt een uitstrijkje
Aanvullende onderzoeken door de gynaecoloog
  • Inwendige echoscopie.
  • Pipelle. Dit is een kleine, minder ingrijpende, curettage. Via een dun buisje wordt baarmoederslijmvlies weggenomen voor onderzoek.
  • Bioptie. Een ''hapje'' baarmoederslijmvlies wordt weggenomen voor onderzoek.
  • Hysteroscopie.

Behandeling

De behandeling is afhankelijk van de oorzaak van de bloedingen en kan daarom per vrouw verschillen.